SHARE
TWEET

Untitled

a guest Mar 14th, 2019 115 Never
Not a member of Pastebin yet? Sign Up, it unlocks many cool features!
  1. %==============================================================================
  2. % Voorbeeld gebruik documentklasse hogent-article
  3. %==============================================================================
  4. %
  5. % Compileren in TeXstudio:
  6. %
  7. % - Zorg dat Biber de bibliografie compileert (en niet Biblatex)
  8. %   Options > Configure > Build > Default Bibliography Tool: "txs:///biber"
  9. % - F5 om te compileren en het resultaat te bekijken.
  10. % - Als de bibliografie niet zichtbaar is, probeer dan F5 - F8 - F5
  11. %   Met F8 compileer je de bibliografie apart.
  12. %
  13. % Als je JabRef gebruikt voor het bijhouden van de bibliografie, zorg dan
  14. % dat je in ``biblatex''-modus opslaat: File > Switch to BibLaTeX mode.
  15.  
  16. \documentclass{hogent-article}
  17. \usepackage{lipsum} % Voor vultekst
  18. \usepackage{graphicx}
  19. \graphicspath{{./img/}}
  20. \usepackage[dutch]{babel}
  21.  
  22. %------------------------------------------------------------------------------
  23. % Metadata over het artikel
  24. %------------------------------------------------------------------------------
  25.  
  26. %---------- Titel & auteur ----------------------------------------------------
  27.  
  28. % TODO: geef werktitel van je eigen voorstel op
  29. \PaperTitle{Retrieval practice als studiestrategie}
  30. % TODO: geef op welk soort artikel dit is
  31. % Dit is typisch de opdracht en het vak waarvoor dit artikel geschreven is, bv.
  32. % ``Verslag onderzoeksproject Onderzoekstechnieken 2018-2019''
  33. \PaperType{Opdracht NPE Onderzoekstechnieken, AJ 2018-2019, groep 23}
  34.  
  35. % TODO: vul je eigen naam in als auteur, geef ook je emailadres mee!
  36. \Authors{Jef Malfliet\textsuperscript{1}, Wouter Opsommer\textsuperscript{2}, Lucas Vermeulen\textsuperscript{3}, Jochen Dewachter\textsuperscript{4}} % Authors
  37.  
  38. % TODO: vul de naam van je co-promotor in.
  39. % Als het hier gaat om een voorstel voor de bachelorproef, dan ben je hier
  40. % verplicht de naam van je co-promotor in te vullen. Zoniet, dan kan je het
  41. % leeg laten.
  42. \CoPromotor{Dhr. Buysse}
  43.  
  44. % Contactinfo: Geef hier de contactgegevens van elke auteur van het artikel (en
  45. % indien van toepassing ook van de co-promotor).
  46. \affiliation{
  47.    \textsuperscript{1} \href{mailto:jef.maflliet@student.hogent.be}{jef.maflliet@student.hogent.be}
  48. }
  49. \affiliation{
  50.    \textsuperscript{2} \href{mailto:wouter.opsommer@student.hogent.be}{wouter.opsommer@student.hogent.be}
  51. }
  52. \affiliation{
  53.    \textsuperscript{3} \href{mailto:lucas.vermeulen@student.hogent.be}{lucas.vermeulen@student.hogent.be}
  54. }
  55. \affiliation{
  56.    \textsuperscript{4} \href{mailto:jochen.dewachter@student.hogent.be}{jochen.dewachter@student.hogent.be}
  57. }
  58.  
  59. %---------- Abstract ----------------------------------------------------------
  60.  
  61. \Abstract{Hier schrijf je de samenvatting van je artikel, als een doorlopende tekst van één paragraaf. Wat hier zeker in moet vermeld worden: \textbf{Context} (Waarom is dit werk belangrijk?); \textbf{Nood} (Waarom moet dit onderzocht worden?); \textbf{Taak} (Wat ga je (ongeveer) doen?); \textbf{Object} (Wat staat in dit document geschreven?); \textbf{Resultaat} (Wat verwacht je van je onderzoek?); \textbf{Conclusie} (Wat verwacht je van van de conclusies?); \textbf{Perspectief} (Wat zegt de toekomst voor dit werk?).
  62.    
  63.    Bij de sleutelwoorden geef je het onderzoeksdomein, samen met andere sleutelwoorden die je werk beschrijven.
  64. }
  65.  
  66. %---------- Onderzoeksdomein en sleutelwoorden --------------------------------
  67. % TODO: Vul de sleutelwoorden aan.
  68.  
  69.  
  70. \Keywords{Onderzoeksdomein; Sleutelwoord1; Sleutelwoord2; Sleutelwoord3}
  71. \newcommand{\keywordname}{Sleutelwoorden} % Defines the keywords heading name
  72.  
  73. %---------- Titel, inhoud -----------------------------------------------------
  74.  
  75. \begin{document}
  76.    
  77.     \flushbottom % Makes all text pages the same height
  78.     \maketitle % Print the title and abstract box
  79.     \tableofcontents % Print the contents section
  80.     \thispagestyle{empty} % Removes page numbering from the first page
  81.    
  82.     %------------------------------------------------------------------------------
  83.     % Hoofdtekst
  84.     %------------------------------------------------------------------------------
  85.    
  86.     \section{Inleiding}
  87.    
  88.    
  89.     \section{Literatuurstudie}
  90.    
  91.     \subsection{Enhanced testen als educatief hulpmiddel}
  92.     \subsubsection{Algemeen}
  93.     Enhanced testen is al jaren een onderwerp waarop onderzoek wordt uitgevoerd. Het merendeel van deze onderzoeken zijn gelijkaardig. Vaak komt men tot de conclusie dat de groep die test enhanced learning (TEL) gebruikt aanvankelijk minder goed scoort dan de groep die een andere leermethode toepast. Desondanks blijkt steeds dat de groep die gebruik maakte van de TEL methode zich de opgenomen informatie op lange termijn beter konden herinneren.~\autocite{Roedinger2006,Freda2015,Messineo2015,Hogan1971} Over het algemeen zijn de prestaties van studenten die gebruik maken van TEL aanzienlijk beter. Deze vaststelling werd verder bevestigd door de resultaten van eindexamens bij de uitgevoerde testen. Deze werden 2 weken tot 2 maanden na het oorspronkelijke studeermoment gegeven. Hier was TEL overduidelijk de meest effectieve leermethode.
  94.     \subsubsection{Feedback}
  95.     Ook de invloed van feedback wordt al langer onderzocht. Als men dit echter combineert met TEL wordt het bifurcation model bevestigd.~\autocite{Kornell2011} Dit model stelt dat door tests te doen tijdens het studeren er een verschil in 'sterkte' ontstaat tussen bepaalde delen informatie. Delen die niet worden getest zijn 'zwakker' en kunnen moeilijk tot niet meer worden opgeroepen. De leeronderdelen die wel getest worden, zijn 'sterker' en kunnen op langere termijn nog steeds worden opgeroepen. Feedback zorgt er voor dat deelnemers niet enkel op latere testmomenten maar ook op de directe momenten beter scoren dan de re-study deelnemers. Dit moet echter in de juiste context worden bekeken. De ‘feedback-TEL combo’ deelnemers lijken de woorden beter te onthouden dan de 'enkel TEL' groep, maar ze vergeten juist sneller dan deze deelnemers. Omdat zij initieel meer woorden onthouden dan de ‘enkel TEL’ groep kunnen ze zich ook op het latere testmoment meer woorden herinneren. De toevoeging van feedback heeft dus een dubbelzinnige invloed: op korte termijn is het de meest effectieve methode maar het zorgt er voor dat men op lange termijn meer vergeet dan de TEL methode.
  96.     \subsubsection{Testmethode}
  97.     Voor onderzoeken over de invloed van TEL is er een methode die men vaak terug ziet komen. De deelnemers worden opgesplitst in twee groepen. Een groep maakt gebruik van TEL en de andere groep van herhaaldelijk leren. Beide groepen krijgen in één of meerdere sessies informatie die ze zo goed mogelijk moeten proberen studeren. Op het einde wordt er een eindexamen afgelegd dat gebruikt wordt om de resultaten tussen methodes te vergelijken. In ons onderzoek voorzien wij ook gebruik te maken van deze methode. Wij zullen echter niet enkel testen op TEL, maar ook op de invloed van e-learning.
  98.    
  99.          
  100.     \subsection{Het verschil tussen leren op papier tegenover leren op computer}
  101.     \subsubsection{Algemeen}
  102.     De technologische vooruitgang is de voorbije decennia heel snel gegaan. Computers zijn een handig hulpmiddel geworden om verschillende taken te vergemakkelijken. Maar geldt dit ook voor studeren?
  103.     \subsubsection{Voor- en nadelen}
  104.     Er zijn veel voordelen aan lesmomenten of testen organiseren met behulp van computers.~\autocite{Noyes2008} Een interface is adaptief en kan zich dus aanpassen aan het niveau en de leersnelheid van een individu. Een test kan beter gestandaardiseerd worden waardoor er ook minder fouten worden gemaakt in de administratie. Ook blijkt de kwaliteit en de kwantiteit van geschreven antwoorden op testen beter te zijn bij gebruik van computer dan op papier. Er zijn ook nadelen vastgesteld bij het gebruik van computers tijdens lessen of testen. Lange tijd naar een computerscherm staren is vermoeiender dan naar een papier te kijken. Het aanreiken van info via computers is vaak lineair waarbij het springen tussen punten in de leerstof moeilijk is, bv. terug- of verdergaan in een powerpoint. Op papier en krijtbord is dit een minder grote factor.
  105.     \subsubsection{Invloed bij leren}
  106.     Er zijn reeds enkele studies uitgevoerd die onderzochten of het aanbrengen van leerstof op papier of op computer een verschillende invloed heeft op studeren. Hieruit bleek dat het gebruik van een computer, tablet of e-reader geen mindere resultaten op leverde dan het gebruik van pen en papier.~\autocite{Norman2015} Belangrijk is wel om te vermelden dat bij dit experiment enkel het studeren op verschillende media werd onderzocht. De testen werden steeds op papier afgelegd. Een verschil werd wel gemerkt in de 'Judgement of Learing'. Studenten die op papier hadden gestudeerd vertrouwden zichzelf meer in het feit dat ze de informatie opnieuw zouden kunnen oproepen. Ook tussen het aanbrengen van lesmateriaal aan de hand van papier en krijtbord of aan de hand van een powerpoint werd er geen verschil gevonden in prestatie.~\autocite{Leis2016,Carpenter2018,Norman2015} Dit onderzoek testte echter niet op het effect op lange termijn aangezien het experiment werd uitgevoerd net na het lesmoment. Ook werd er geduid op de gevaren van technologiegebruik in lesmomenten. Er werd geijverd voor gebruik van technologie als hulpmiddel om de informatie aan te brengen. Het juiste gebruik van technologie kan een grote hulp zijn in het leerproces van studenten. In dit onderzoek willen wij nagaan of het gebruik van computers of tablets een voordeel biedt bij het verwerken van informatie.
  107.    
  108.     \section{Onderzoeksvragen, Hypotheses en Mockgrafieken}
  109.     \subsection{Onderzoekvraag 1}
  110.     Maakt het gebruik van een computer, zowel tijdens het leren als bij het maken van een test, een verschil in vergelijking met het gebruik van pen en papier?
  111.    
  112.     \subsection{Hypothese 1}
  113.     De resultaten van de testen bij het gebruik van een computer zullen slechter zijn dan de resultaten bij het gebruik van papier. Omdat schrijven een al zodanig gebruikelijke handeling is, wordt dit gemakkelijk gelinkt aan het verwerken van informatie.
  114.    
  115.    
  116.     \subsection{Mockgrafiek 1}
  117.     \includegraphics[scale=0.3]{mockgrafHypothese1}
  118.    
  119.     \subsection{Onderzoekvraag 2}
  120.     Zal het gebruik van een tablet met stylus om het lesmateriaal te studeren en de tests af te leggen betere resultaten opleveren dan het gebruik van een computer voor dezelfde acties?
  121.    
  122.     \subsection{Hypothese 2}
  123.     Een tablet is de brug tussen een blad papier en een computer. Wij stellen dat het gebruik van een tablet betere resultaten zal opleveren dan het gebruik van een computer tijdens het studeren. Maar dat deze methode nog steeds minder effectief zal zijn dan het gebruik van pen en papier.
  124.    
  125.     \subsection{Mockgrafiek 2}
  126.     \includegraphics[scale=0.3]{mockgrafHypothese2}
  127.    
  128.     %\section{Methodologie}
  129.    
  130.    
  131.    % \section{Experimenten}
  132.    
  133.    
  134.    % \section{Analyse resultaten}
  135.     %In de loop der jaren zal de uitkomst van dit experiment veranderen. Naarmate een computer vaker gebruikt wordt in de opleiding van kinderen zal ook de actie van het typen zich, net als pen en papier, linken met het verwerken van informatie.
  136.    
  137.     %\section{Conclusie}
  138.    
  139.    
  140.     %------------------------------------------------------------------------------
  141.     % Referentielijst
  142.     %------------------------------------------------------------------------------
  143.     % TODO: de gerefereerde werken moeten in BibTeX-bestand ``bibliografie.bib''
  144.     % voorkomen. Gebruik JabRef om je bibliografie bij te houden en vergeet niet
  145.     % om compatibiliteit met Biber/BibLaTeX aan te zetten (File > Switch
  146.     % BibLaTeX mode)
  147.    
  148.     \phantomsection
  149.     \printbibliography[heading=bibintoc]
  150.    
  151.    
  152.    
  153. \end{document}
RAW Paste Data
We use cookies for various purposes including analytics. By continuing to use Pastebin, you agree to our use of cookies as described in the Cookies Policy. OK, I Understand
 
Top